Zaterdagavond ging Little Shop of Horrors, de nieuwste voorstelling van InTeam Producties, in première in Antwerpen. Een volle Arenbergschouwburg volgde de avonturen van de schuchtere Seymour (Joppe Dekoker), wiens liefde voor planten desastreuze gevolgen heeft.
De sfeer in de zaal zat meteen goed. Na het weerklinken van de eerste noten volgde een twee uur durend feest van gejuich en applaus. Niet verwonderlijk wanneer InTeam een titel als Little Shop of Horrors onder handen neemt. Dankzij een sterke affiche en een voortreffelijke regie van Niels de Valk staat de voorstelling garant voor een avond zorgeloos amusement.
De musical speelt zich hoofdzakelijk af in Mister Mushnik’s Flower Shop, waar meer personeelsleden dan klanten over de vloer komen. Leendert De Vis zet een heerlijke, ietwat verzuurde winkeluitbater neer. Wanneer hij op het punt staat de handdoek in de ring te gooien, hoopt Seymour de winkel te redden met de plant die hij net gekweekt heeft.
Het is een genot om De Vis en Dekoker samen op het podium te zien. Dankzij de uitgesproken eigenschappen van hun personages en hun inleving brengt het duo scènes waarin het spelplezier van het podium spat. Neem bijvoorbeeld de scène waarin Mushnik zijn werknemer met een roos in de mond uitnodigt voor een tango. Een hilarisch contrast met even daarvoor, toen hij Seymour nog af stond te blaffen. De Vis weet verdomd goed hoe hij een publiek kan bespelen en laat de zaal regelmatig schuddebuikend achter.

Een bloeddorstige plant en een krankzinnige tandarts
Ook Dekoker overtuigt opnieuw met een integere, gevoelige vertolking van het onhandige hulpje. Wie vorig jaar Kinky Boots zag, weet tot welke onwaarschijnlijk straffe dingen de jonge acteur in staat is. Hij neemt ons opnieuw mee in het hart van zijn personage, dat klopt voor zijn baas, zijn planten en zijn collega Audrey. Hierdoor komt hij in onmenselijke situaties terecht die de doodbrave jongeman de criminaliteit in jagen. Zijn gevoelens uit hij in enkele straffe zangpartijen waarmee Dekoker toont dat hij de lat voor zichzelf alleen maar hoger legt.
Audrey heeft dan weer een relatie met de krankzinnige Orin. Shana Pieters en Mike Wauters zetten misschien wel de meest cartooneske personages uit de hele musical neer. Gehuld in een zwarte leren jas, een dito broek en voorzien van een kapsel dat meer gel dan haar vergt, doet Wauters ons denken aan John Travolta in Grease. Alleen is Orin pakken gladder en verachtelijker. De scène waarin hij onder invloed van lachgas tekeer gaat in zijn bebloede tandartsenpraktijk is voer voor nachtmerries, niet in het minst dankzij Wauters’ sterke acteerprestatie. Je krijgt al snel medelijden met de uiterst sympathieke Audrey, een rol waarin Pieters de zaal trakteert op een prachtige solo.

Maar de ster van de show is uiteraard Audrey II, de plant die voortkomt uit Seymours liefde. Jens Broes blijkt de perfecte man om de bloeddorstige plant tot leven te brengen. Met een ronduit impressionant stembereik maakt hij Voer Mij tot een onbetwist hoogtepunt in de voorstelling. Het duurt even voor we hem te zien krijgen, maar na zijn intrede komt het verhaal op kruissnelheid. Voor je het goed en wel beseft, weerklinkt de finale al uit de orkestbak.
Met deze Little Shop of Horrors brengt InTeam Producties een lichtvoetige musical waarin de humor heel soms iets te ver doorslaat, maar die je vooral meeneemt naar een wereld vol kleur, gekke figuren en heerlijke muziek. Niels de Valk stak het verhaal in een absurd jasje dat voldoende ruimte laat voor de tragiek, maar het publiek uiteindelijk met een brede glimlach naar huis stuurt.
Little Shop of Horrors is nog tot en met 25 januari te zien in Antwerpen en trekt van 30 januari tot en met 1 februari naar het NTGent. Tickets en info via inteam-producties.be.
Lees ook: InTeam Producties bereidt zich voor op Little Shop of Horrors

